“Participatie in technische, sociale en ecologische systemen vergt ander ontwerp”

Oratie Frances Brazier  

De samenleving ondergaat enorme veranderingen: de interactie in en tussen allerlei soorten netwerken is meer dan ooit in beweging. Er zijn daarom andere paradigma’s nodig om technische, sociale en ecologische systemen te ontwerpen. Leidend daarin is dat mensen de (technische) mogelijkheden krijgen om zelf verantwoordelijkheid te dragen als deelnemer in grote complexe dynamische systemen. Dat concludeert prof. dr. Frances Brazier, hoogleraar Systeemkunde, in haar oratie ‘Shaping Participation: A new design paradigm’, die zij op 14 oktober jl. hield bij TBM.

“De overheid, de burger, de arts, het ziekenhuis, de energieleverancier… ieder maakt deel uit van socio-technische en ecologische systemen. Deze moderne gedistribueerde systemen raken echter meer en meer met elkaar verweven; ze zijn afhankelijk van elkaar en ageren op complexe, dynamische en soms onvoorspelbare wijze met elkaar. De hamvraag is dus: hoe ga je deze systemen inrichten, waarbij de techniek ondersteunend werkt en mensen participeren en hun eigen verantwoordelijkheid kunnen nemen? Dat mensen dergelijke systemen daadwerkelijk kunnen en mogen vertrouwen?”

In haar oratie gebruikt Brazier ter illustratie enkele voorbeelden binnen grootschalige infrastructurele systemen, zoals verkeer en energie. “Velen van on hebben een navigatiesysteem in de auto. Dat werkt vaak ook naar tevredenheid. Vorige winter kwam ik ’s ochtends vroeg toch een keer plotseling op een aangevroren polderweggetje terecht, waar kinderen op aan het schaatsen waren. Op dat moment vroeg ik me af waarom ik het navigatiesysteem eigenlijk blindelings vertrouwd had. Bovendien had ik graag gezien dat ik met het apparaat en andere weggebruikers had kunnen interacteren; dan was dit nooit gebeurd.” 

Of neem het energienetwerk. Hoe richten we het energienetwerk in zodat burgers werkelijk verantwoordelijkheid kunnen nemen voor hun energiegebruik? “Dit vergt volgens ons dat energie voor mensen gaat ‘leven’ en dat zij betrokken worden bij hun energiegebruik door bijvoorbeeld slimme meters. Deze systemen zouden enerzijds met hen kunnen onderhandelen over gewenst gebruik en voorwaarden, en anderzijds dynamisch met andere energieleveranciers kunnen onderhandelen over afname en levering. De laatste vorm van zelfmanagement en regulering is al een aantal jaar focus van ons onderzoek. De notie van participatie voegt het inzicht toe dat als gebruikers werkelijk een deel van het netwerk zijn, zij ook verantwoordelijkheid voor hun eigen gedrag kunnen nemen. Als een gebruiker onverwacht gedrag vertoont (bijvoorbeeld onverwacht met tien logés thuiskomen) heeft dit implicaties voor het energiesysteem en zal hierover na moeten denken.” 

Zelforganiserend systeem

De technische ontwikkelingen gaan zo snel, dat we niet te lang kunnen wachten met het definiëren van nieuwe paradigma’s. “Een prachtig voorbeeld van een participerend socio-technisch systeem is het Digitaal Monument voor de Joodse Gemeenschap in Amsterdam. In opdracht van het Joods Historisch Museum en in samenwerking met het Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis heeft Mediamatic Lab een communitysite ontwikkeld waarin joodse mensen verhalen vertellen en informatie geven over hun familie, over generaties van vroeger en generaties van nu, over wat ze zich herinneren over hoe het leven vroeger was. De verhalen worden geografisch, via familiebanden en via onderwerp met elkaar in verband gebracht. Zo ontstaat de geschiedenis van de Joodse gemeenschap in Amsterdam die in de Tweede Wereldoorlog zo diep is geraakt. Hiertoe kunnen nabestaanden lid worden van een relatief besloten community en actief informatie toevoegen. De nabestaanden moeten zich veilig voelen, zij moeten de redactie en het systeem kunnen vertrouwen. Het publieke deel van de website vergroot de algemene kennis. De ontwerpcriteria ten aanzien van normen, waarden en voorwaarden zijn duidelijk van tevoren gedefinieerd. Het resultaat is meer geweest dan een website: er is een nieuwe community ontstaan waarin ook andere activiteiten worden ondernomen. Een zelforganiserend systeem.”

Privacy en de mogelijkheid om anoniem te zijn, zijn van belang. “Het begrip pseudo-anonimiteit (Prins), is jarenlang leidend geweest in onze rechtstaat. De overheid kan bijvoorbeeld bijna ongelimiteerd veel informatie over een persoon achterhalen, maar moet er veel moeite voor doen: camerabeelden bekijken, creditcard transacties nagaan… Deze acties kosten op dit moment nog veel tijd en moeite. Met de nieuwe technologische ontwikkelingen gaat dit echter veranderen. Bij onlusten, zoals onlangs in Londen of bij het Maasgebouw van Feijenoord, kan de politie binnen een aantal seconden alle informatie over de relschoppers boven tafel hebben. De techniek daarvoor is al beschikbaar; overal hangen camera’s. Maar hoe ga je de toegang tot die informatie reguleren? Hiervoor zijn normen en waarden bepalend.”

Sociale netwerken maken participatie mogelijk. Dit geldt ook voor onze rechtstaat. Burgers kunnen en willen hun verantwoordelijkheid nemen. Participatie in systemen die goed zijn ontworpen vergroot transparantie en vertrouwen. Op de vraag hoe het nieuwe ontwerp van socio-technische ecologische systemen eruit moet zien geeft Brazier aan dat participatie leidend is. Dit betekent design for trust (sociale acceptatie, transparantie, veiligheid), design for autonomy (bevoegdheid, zelfmanagement en zelfregulering), design for human-system interaction (betrokkenheid en samenwerking). Bestaande modellen, theorieën en architecturen bieden een basis voor het ontwerp. Gedistribueerde simulaties bieden een mogelijkheid om gedrag van complexe grootschalige systemen te observeren.”

Meer informatie

             

© 2012 TU Delft

Metamenu